7 september 2009
Het is weer begonnen: vorige week heb ik kennisgemaakt met mijn SLB-groep, en deze week zijn de lessen weer ‘in full swing’ begonnen. Toch altijd weer een spannend moment; en hoewel deze week ook met zich mee heeft gebracht dat de eerste roosterproblemen zich alweer gemanifesteerd hebben – ik bleek een ‘gewoon’ lokaal (dus zonder computers) te hebben voor een computerles – voelt het goed om weer echt voor de klas te staan.
Voor de niet HBO-ers: SLB staat voor Studieloopbaanbegeleiding. Een SLB-klas is een klas die je het gehele jaar onder je hoede houdt, en die je probeert te coachen op het gebied van de studievoortgang. Voor de SLB-klas ben jij het aanspreekpunt – je bent soms de enige vaste docent die ze gedurende een jaar voor zich hebben.
Dat maakt zo’n eerste ontmoeting ook gelijk spannend. Voor de zomer heb je afscheid genomen van je oude groep, en dat is soms best wel eens lastig. Je bouwt een band op, en hoewel het helemaal niet hoeft te betekenen dat je ze daarna niet meer ziet, zal het contact toch duidelijk minder intensief zijn. Het is daarna best moeilijk om met een nieuwe groep weer helemaal blanco te beginnen.
Het is me opgevallen dat het dan best wel eens voorkomt dat je bij zijn eerste ontmoeting denkt dat je de nieuwe groep helemaal niet leuk vindt. Dat is niet eerlijk: het gevecht met de erfenis van vorig jaar kan zo’n groep gewoon niet winnen. En na een paar weken blijkt dat eerste gevoel ook helemaal niet terecht. Gelukkig maar.
Mijn huidige groep heeft in elk geval al haar uiterste best gedaan. De eerste opdracht voor groepen is altijd om met een bepaald ruil-object de straat op te gaan, en dat proberen te ruilen voor iets zo groot mogelijks. Mijn groep heeft een goudvis te pakken gekregen. Die staat nu dus bij mijn bureau…

Proppervis
4 Reacties |
Buitencategorie | getagged: slb, studenten |
Permalink
Geplaatst door dirkpaul
26 augustus 2009
Mijn bijdrage over het vak Computervaardigheden heeft al een aantal reacties opgeleverd. Net toen ik van plan was om verder te borduren op deze opmerkingen, kwam ik dit artikel tegen. Er zitten een aantal voor onderwijs zeer bruikbare analogieën in.
Aanleiding voor het artikel is een video van Google, waarin toevallige voorbijgangers op Times Square in New York een aantal vragen gesteld worden over internetgebruik. Wat blijkt? Veel mensen weten niet wat een browser is, sterker nog, velen kunnen niet de browser noemen die zij zelf gebruiken voor internettoegang.
Hilarisch, inderdaad. Maar als je er wat beter over nadenkt zijn er wellicht lessen uit te trekken voor ons onderwijs. Want is het wel zo erg dat mensen niet kunnen benoemen wat hun browser is? Het zou ook zo kunnen zijn dat internetgebruik zo ingeburgerd is dat mensen niet meer hoeven na te denken over hun specifieke browser. Internet is immers gemeengoed geworden. Hoeveel mensen weten nog hoe de motor in hun auto werkt, en wat voor specifieke uitvoering het is? Juist, alleen autoliefhebbers, en het spreekt voor zich dat niet iedereen dat hoeft te zijn.
Wellicht betekent dit dat we ook het Computervaardigheden-onderwijs anders moeten benaderen. Zou het zou kunnen zijn dat wij als docenten de computer teveel benaderen vanuit ons eigen perspectief? Als we even de vertaling maken: ik wil als docent graag dat studenten weten dat de Explorer onder Windows de plek is waar documenten worden beheerd. Maar als studenten wellicht niet weten wat een browser is, is die Explorer voor hun misschien ook wel erg abstract.
Ik heb niet gelijk een kant-en-klaar onderwijsplan klaar. Sterker nog, ik denk dat het wel eens knap lastig kan zijn om hier mee aan de slag te gaan. Het is echter wel een interessante denkrichting, en ik ben benieuwd naar jullie reacties.
6 Reacties |
Onderwijsontwerp, Opinie | getagged: 2.0, colleges, competenties, onderwijs, ontwerp, Opinie, practica, werkvorm |
Permalink
Geplaatst door dirkpaul
19 augustus 2009
Toen ik gisteren blogde over het vak Computervaardigheden, realiseerde ik me dat het goed was dat te verduidelijken. Vervolgens reageerde Karin Winters op die blog, en wist ik het zeker: dit had verduidelijking nodig. Het heeft mij namelijk ook altijd verbaasd dat dit nodig was op een hogeschool-opleiding. Want ja, toen ik meer dan 10 jaar geleden bij de opleiding Psychologie van de Universiteit van Amsterdam werkte, vond ik het acceptabel dat er studenten waren die moeite hadden met computergebruik. Maar in een HBO-opleiding anno 2009? Toch is de werkelijkheid minder rooskleurig dan je zou willen of hopen.
Ik werd feitelijk voor de eerste keer met het vak geconfronteerd toen ik nog in mijn sollicitatieprocedure zat. Tijdens het sollicitatiegesprek werd mij gevraagd hoe ik het vak Computervaardigheden dacht vorm te geven. Doorvragen leerde me dat het inderdaad daarom ging, het studenten aanleren van basisvaardigheden op de computer. Dat deed de opleiding destijds in 2006, en doet de opleiding nog steeds in 2009. En ik ben bang dat het nog steeds nodig is.
Het gros van onze studenten “wil iets in de media doen”. De rest heeft een beeld bij zijn of haar toekomstige beroep: redacteur bij een tijdschrift worden, of freelance journalist. Of nog iets anders. Ik heb het idee dat daar ook een scheiding der geesten ligt: de groep die iets in de media wil doen, heeft de misvatting dat dat in de maatschappij van vandaag zonder computers kan. Helaas.
Het vak Computervaardigheden heeft daarom eigenlijk een tweeledig doel: het belangrijkste doel is (uiteraard) om de studenten die vaardigheden bij te brengen, die noodzakelijk zijn om aan onze instelling succesvol te kunnen studeren. Mede daarom zou ik het vak ook liever Studievaardigheden noemen. Daarnaast proberen we studenten ook te doordringen van de belangrijke plek die computers tegenwoordig innemen.
Waar ik nu wel benieuwd naar ben is hoe andere instellingen dit doen. Speelt dit probleem van beperkte computerkennis op meer opleidingen? En zo ja, hoe wordt dat dan opgelost? Met lessen, of moeten studenten dit wellicht in eigen tijd bijspijkeren? Een volgende keer meer over de inhoud van het vak.
7 Reacties |
Onderwijsontwerp | getagged: colleges, computer, onderwijs, practica, studenten |
Permalink
Geplaatst door dirkpaul
18 augustus 2009
In het HBO staan we weer aan het begin van een nieuw collegejaar. Dat geeft altijd weer een bijzonder gevoel, het brengt een zekere spanning met zich mij. En voor mij persoonlijk is die spanning nog wat groter, omdat er wat veranderingen op stapel staan.
Belangrijkste verandering is dat ik in periode 2 een zg. project ga coördineren. Bij onze opleiding krijgen de eerstejaars studenten iedere periode een nieuw project, waaraan de vakken in die periode zijn ‘opgehangen’. Daarbij wordt gestreefd naar ‘echte’ opdrachtgevers, en moet er een echt product gemaakt worden. Een echte praktijkopdracht dus, waarbij de benodigde theorie voor de opdracht behandeld wordt in de onderliggende vakken. In de eerste periode krijgen de studenten een opdracht van de Volkskrant voor hun kiezen; de opdrachtgever van ‘mijn’ project is Het Instituut voor Beeld en Geluid.
Een leuke en uitdagende taak. Omdat bijna alle vakken die in een periode gegeven worden ten dienste staan van het project, heb je namelijk als projectcoördinator ook inhoudelijk veel invloed op het onderwijs. Tegelijkertijd maakt die complexiteit het lastig om dingen te veranderen – de onderdelen van zo’n project hangen immers sterk met elkaar samen. Verander je bij het ene vak wat, dan heeft dat gevolgen voor een ander vak.
Het is de tweede keer dat we een project draaien met deze opdrachtgever. Veel dingen kunnen hetzelfde blijven, een aantal dingen moeten aangescherpt. Desalniettemin een flinke klus om dit project op een hoger plan te brengen. We zullen zien of ik hiertegen opgewassen ben.
Daarnaast ga ik ook bij een vak wat meer afstand nemen. Dat is het vak “Computervaardigheden”. Een collega neemt daar de coördinatie-taken over, waarbij ik wel op afstand betrokken blijf. Een goede zaak denk ik, om na een langere tijd – ik ben drie jaar modulecoördinator geweest, en heb het vak mede ontwikkeld – het stokje door te kunnen geven.
2 Reacties |
Uncategorized | getagged: dirkpaul, onderwijs |
Permalink
Geplaatst door dirkpaul
11 juli 2009
Frank Kalshoven is een freelance economisch journalist, die columns schrijft in o.a. de Volkskrant en Vrij Nederland. Ik lees zijn stukken graag, omdat ze vaak blijk geven van een verfrissende kijk op economische en andere vraagstukken. Maar in zijn laatste bijdrage in Vrij Nederland, getiteld “VWO in vijf jaar” gaat hij wel erg kort door de bocht.
De stelling van Kalshoven in dit artikel is dat in de zorg de afgelopen jaren de arbeidsproductiviteit sterk is verhoogd. Frappant daarbij is volgens hem dat vanuit de zorg regelmatig geroepen is dat dit niet mogelijk is, omdat dit ten koste zou gaan van de kwaliteit van de zorg. En ziedaar, het blijkt toch mogelijk. Een waar kunststukje.
Vervolgens worden parallellen getrokken met het onderwijs: ook het onderwijs wordt collectief gefinancierd, en net zoals in de zorg is er in het onderwijs een tekort aan werknemers, en dus is het een goede zaak dat ook in het onderwijs de productiviteit omhoog gaat. Tot zover volg ik Kalshoven, maar vervolgens trekt hij de conclusie dat ook in het onderwijs de productiviteit omhoog kan – omdat het in de zorg kan.
Hier raakt hij me kwijt. Ten eerste zie ik niet waarom de wijze van financiering en een tekort aan werknemers een argument is waarom de productiviteit omhoog *kan*, het lijkt me meer een argument om te zeggen dat de productiviteit omhoog *moet*. Even afgezien van de vraag of de verhoging van de arbeidsproductiviteit in de zorg altijd een zegen is (ik heb wel eens tegengestelde geluiden gehoord, en ik ken economen die zeggen dat de marktwerking in de zorg, door Kalshoven genoemd als een belangrijke motor voor de verhoging van de arbeidsproductiviteit krakkemikkig is ingevoerd) lijkt me niet dat het werk van een verpleegkundige zomaar met elkaar kan worden vergeleken.
Uiteindelijk is de kop van de column, ‘VWO in vijf jaar’, voor mij de crux. Niet alleen komt deze kop verder niet inhoudelijk aan de orde, en is hij dus vooral gebruikt als lokkertje om te lezen, bovendien roept hij bij mij ogenblikkelijk de vraag op of we dat moeten willen. Is de maatschappij in de long run niet beter af als we onze arbeidsproductiviteit over de gehele linie verhogen, en vraagt dat juist niet om verbetering van ons onderwijs? Juist ook het VWO, dat immers de hooggeschoolde arbeidskrachten moeten gaan leveren. Laten we dat alsjeblieft niet gaan verkorten, maar laten we dat onderwijs gaan verbeteren.
Misschien iets voor een volgende column in VN?
4 Reacties |
Opinie | getagged: onderwijs, Opinie, selectie, voortgezet onderwijs |
Permalink
Geplaatst door dirkpaul
10 juli 2009
Op dit moment geniet ik van mijn welverdiende vakantie. En ja, die is ruim – ik ben de eerste die dat zal toegeven. Het is fijn om er in de zomer zo’n vijf weken tussenuit te gaan. Hoe aardig de studenten ook zijn, er komt na zo tegen het eind van het cursusjaar (gelukkig wel aan het eind, meestal) altijd een moment waarop je de studenten even zat bent. En ja, zij zijn jou dan ook zat – dat is allemaal heel normaal.
Nu ben ik er dan ook nog zo eentje die er flink wat uren bijwerkt – het zal misschien velen van jullie verbazen, maar ik heb nog nergens zo hard gewerkt als sinds ik op het HBO werkt. En ik klaag niet hoor – werken kan fijn zijn, zeker als het zulk leuk werk is als het mijne.
Omdat ik werken nu zo leuk vind, klus ik regelmatig wat uurtjes bij. Ik neem nogal makkelijk uren over van zieke collega’s. Ik had er dan in eerste instantie ook behoorlijk wat moeite mee toen ik van mijn huidige teamleider te horen kreeg dat ik dat niet zomaar mocht doen. Waarom niet dacht ik? Ik zorg er toch voor dat de boel door blijft draaien?
Inmiddels weet ik dat daar nu juist het probleem zit. Bij mijn instelling (en ik heb het vermoeden dat dat bij veel andere instellingen in den lande niet anders is) wordt stelselmatig overgewerkt. En het probleem is dat veel beleidsmakers dat nu juist wel prettig vinden. Immers, op deze manier draaien de zaken mooi door en hoeft er geen extra werk ingestoken te worden. Er zit dus juist een hele goede kant aan dat op de rem trappen: het maakt zichtbaar waar de zwakke plekken in de organisatie zitten, waar geïnvesteerd moet worden (bijvoorbeeld door meer personeel aan te trekken).
Ik beveel dus van harte aan dat er op meer plekken eens ‘nee’ gezegd wordt tegen het maken van extra uren. Nee, ik vind het nog steeds niet leuk dat ik soms niet extra uren mag draaien – ik maak zelf graag keuzes in wat ik wel en niet wil doen. Maar ik begrijp het inmiddels wel.
4 Reacties |
Buitencategorie, Opinie | getagged: onderwijs, Opinie, plannen, taaklast |
Permalink
Geplaatst door dirkpaul
2 juli 2009
Altijd een frustrerende ervaring voor docenten: heb je veel tijd en moeite gestoken in het uitleggen van een vak aan je studenten, blijken ze zich er vanaf te maken door domweg werk van andere studenten in te leveren. En dan moet je er weer veel tijd in steken om er achter te komen of het echt kwaadwillende fraude is of misschien een stomme fout… terwijl studenten vaak weer lijken te denken dat je er lol in hebt om ze aan de schandpaal te nagelen. Integendeel dus.
Met deze activiteiten gaat momenteel een groot deel van mijn tijd heen. Ik merk dan vooral dat ik voor deze taak niet opgeleid ben: ik ben immers geen rechercheur. Het opmerken van een geval van fraude of plagiaat is vaak geen probleem, maar dan moet je dus nog bepalen of de beschuldiging terecht is. In de procedure die bij ons op school geldt moet je dan een student oproepen voor een persoonlijk gesprek, en daar begint vaak het gedonder. Studenten blijken er zeer bedreven in om een geloofwaardig verhaal op te hangen, en ik bezit niet de gave om leugens eenvoudig te onderscheiden van de waarheid.
Natuurlijk ben ik bekend met instrumenten als Ephorus, waarvoor ook onze school een licentie heeft. De opdrachten echter waar ik hier over praat, behelzen het maken van digitale producten: een website of een database. En hier biedt Ephorus nu juist geen ondersteuning voor.
Verder vind ik soms de procedure op onze instelling frustrerend. In principe constateert de docent de fraude, en geeft dat vervolgens door aan de examencommissie. In veel gevallen neemt deze het advies van de docent over. Een enkel geval van fraude leidt echter niet tot strafmaatregelen – pas wanneer je een tweede keer van fraude of plagiaat beschuldigd wordt kun je uitgesloten worden van één of meerdere kansen, tot maximaal een jaar.
Gezien dit systeem ben ik zelf geneigd ook in het geval van twijfel fraudegevallen door te geven aan de examencommissie. Immers, een eerste vergrijp blijft zonder gevolgen. De laatste tijd merk ik echter dat er meer gevallen zijn die ik niet aangeef bij de examencommissie, en ik twijfel of dat goed is. Ik heb echter niet de indruk dat er een erg duidelijke lijn is.
Wat vinden jullie? En zijn er tools die ook het opsporen van fraude bij databases en websites vergemakkelijken?
5 Reacties |
Toetsen | getagged: beoordelen, instrument, studenten, Tools, werkvorm |
Permalink
Geplaatst door dirkpaul
5 juni 2009
Blog, wat heb ik je lang veronachtzaamd. Terwijl er zoveel gebeurd is. Zo heb ik een aantal weken terug van gedachten gewisseld met Jeroen Bottema over het creëren van draagvlak voor portfolio’s, is het plan om laptops verplicht te stellen voor studenten vooralsnog afgeschoten door ons MT, hebben we een middag gehad over toetsen binnen ons team en hebben we een nieuwe teammanager.
Verwacht dus de komende weken bijdragen over deze onderwerpen, en meer. Het moet lukken om voor de vakantie, begin juli, nog een aantal posts op mijn blog los te laten. Voor nu alleen een nieuwtje – ik mag aanwezig zijn op de tweetup van @maximeverhagen op het ministerie van Buitenlandse Zaken, op 3 juli. Vraag me vooral af of er nog meer onderwijsmensen aanwezig zullen zijn.
En dan volgende week weer echte blogs!
Leave a Comment » |
Buitencategorie |
Permalink
Geplaatst door dirkpaul